top of page

Raf (41) dankt zijn donor na prestigieuze marathon van Berlijn: “Ik loop in extra tijd”

2 okt
3 minuten om te lezen

Na zijn levertransplantatie blijft Raf Dubois (41) uit Oudsbergen zijn sportieve grenzen verleggen: zondag liep hij in Berlijn zijn tweede Major Marathon. “Zonder mijn donor liep ik geen 42 kilometer. Dan was het gedaan.”


Amper negentien was Raf Dubois uit Opglabbeek toen hij acuut leverfalen kreeg. “In twee weken tijd ging ik van gezond naar getransplanteerde”, vertelt hij. “Na het innemen van antibiotica is mijn lever gestopt met werken. Ik kwam bovenaan de wachtlijst, waardoor het snel ging. Het was niet de perfecte match. Maar je moet je lichaam in conditie houden en verzorgen. Dan komt het goed.”

Zo goed dat hij 23 jaar na zijn transplantatie de ene na de andere extreme sportieve prestatie aangaat. Zo liep hij zondag samen met 56.000 anderen de Berlin Marathon, die als één van de zeven Major Marathons bij de meest prestigieuze marathons ter wereld hoort. “Je hebt altijd van die gekken”, lacht hij. “Ik heb zo’n uitdaging af en toe nodig. Twee jaar geleden liep ik de marathon van New York, mijn eerste major. Vorig jaar heb ik de volledige Ironman in Hamburg gedaan en in juni de Ironman van Frankfurt. Die was ingekort door de hitte. Het was ‘maar’ 21 kilometer lopen en 125 kilometer fietsen. Vandaar dat ik de marathon van Berlijn er nog bij wilde doen.”


Dixie

Raf wilde in Berlijn voor het eerst een marathon onder de vier uur lopen. “Ik was heel goed op weg, aan een mooie snelheid”, zegt hij. “Ik liep mee met een pacer: een loper die het tempo bepaalt om onder de vier uur te lopen. Dat was een West-Vlaming, en we waren aan het lachen en gekken. Na 13 kilometer was het tijd om te eten. Ik nam een gelletje, dat ik altijd neem. Maar mijn darmen wilden niet mee en ik moest de wc opzoeken. Na drie keer op de Dixie was mijn tempo weg. Ik heb het op karakter uitgelopen. Het was pittig, maar een beetje afzien hoort erbij. Ik was net onder de vijf uur binnen.”


Ook de voorbereiding was zwaar. “Door de hete zomer was het pittig om te trainen”, zegt hij. “Zeker voor getransplanteerden is het altijd zoeken: je hebt meer kans op blessures. Ik ben begeleid door een coach die voor Transplantoux heeft gewerkt. Rustig en doordacht opbouwen en naar je lichaam luisteren is het belangrijkste. Maar dat zou iedereen moeten doen. Sinds mijn transplantatie ben ik bewuster gaan leven. Ik probeer gezond te leven, om mijn organen in conditie te houden.”


Transplantoux is een Belgische organisatie voor getransplanteerden die beweging stimuleert. “De naam Transplantoux is een samentrekking van transplantatie en Mont Ventoux”, legt Raf uit. “Zo is het voor mij begonnen: ik heb de Mont Ventoux met de fiets beklommen. Ik sportte voor mijn transplantatie al. Dat is een groot verschil met andere getransplanteerden, die vaak al lang op de wachtlijst stonden. Ik was gezond, ik voetbalde. Voetballen kon niet meer, maar ik ben op zoek gegaan naar andere sporten. Ik ben beginnen te fietsen. Daar is lopen en zwemmen bijgekomen. Dan is triatlon de volgende uitdaging.”


World Transplant Games

Intussen werkt Raf voor Transplantoux aan de KU Leuven. “We zijn bezig met de organisatie van de World Transplant Games, die in augustus naar Leuven komen”, zegt hij. “We verwachten drieduizend getransplanteerden uit de hele wereld, voor zeventien sporten: van tennis tot wielrennen. Zelf neem ik deel aan de triatlon. We willen zo veel mogelijk getransplanteerden activeren voor het Belgische team. Je moet zeker geen topsporter zijn. Vanaf november starten we met een trainingsprogramma, om iedereen zo goed mogelijk aan de start te krijgen.”


En er staan nog meer uitdagingen op zijn planning. “In april zou ik graag de marathon van Londen lopen: mijn derde major”, zegt hij. “Ik ben ook ingeschreven voor de eerste volledige Ironman ooit in België: op 5 september 2027 in Knokke.”

Na elke sportieve prestatie is Raf zijn donor extra dankbaar. “Zonder mijn donor kon ik die gekke dingen allemaal niet doen”, besluit hij. “Zonder donatie was het gedaan. Dan was er geen 42 kilometer, geen New York, geen Berlijn, geen volgende uitdaging. Ik loop in extra tijd, en daarom probeer ik van elke kilometer te genieten.”

Opmerkingen


bottom of page